skip to Main Content

OPINIE Het wordt een tijd van compromissen

OPINIE Het Wordt Een Tijd Van Compromissen

De coronacrisis toont aan dat de samenleving toe is aan verandering en er meer behoefte is aan onderlinge solidariteit. De kans bestaat dat we daardoor een deel van onze fundamentele vrijheden kwijtraken, maar daardoor ontstaat wel een beter evenwicht tussen vrijheid en bescherming.

Door Henny Willems

Je kunt veel slechts over het coronavirus zeggen, maar er is ook een lichtpunt: de wereldwijde crisis die het virus heeft veroorzaakt, brengt niet alleen onze afhankelijkheid in beeld, maar doet mensen ook verlangen naar een meer solidaire maatschappij.

Het begrip solidariteit zal een andere betekenis krijgen dan voorheen. Het oude concept van lotsverbondenheid hield in dat de sterken de zwakken steunen. Saamhorigheid tussen groepen, tussen winnaars en verliezers. Solidariteit stond in het teken van het ‘gevecht’.

Wat je in deze tijden ziet, is niet zozeer solidariteit tussen groepen, maar veeleer tussen individuen. Dus niet meer tussen rijken en armen en winnaars en verliezers als zodanig, maar tussen mensen, ongeacht hun afkomst, opleiding en maatschappelijke status. Deze crisis raakt namelijk iedereen en gaat veel verder dan bepaalde (‘kwetsbare’) groepen die lijden en geholpen moeten worden.

Solidariteit was lang iets voor anderen. Nu hebben we het zelf nodig

De coronacrisis gaat om de kwetsbaarheid van het leven zelf. Langzaam maar zeker komt iedereen tot dat besef en daardoor ontstaat een nieuwe stemming in de samenleving. Het idee van zelfredzame individuen die autonoom keuzes maken en hun eigen bonen moeten kunnen doppen (‘keukentafelgesprekken’, weet u nog wel?), volstaat niet meer en is zelfs volkomen achterhaald. Solidariteit was lang iets voor anderen. Nu hebben we het zelf nodig. Allemaal.

Niet alleen in maatschappelijk opzicht is er in slechts enkele weken tijd ongelooflijk veel veranderd, ook als het gaat om onze rechten. De tijd waarin alles vooral om vrijheid draaide en veel mensen van mening waren dat alles maar moest kunnen (zolang ze er zelf maar niet slechter van werden), is voorbij. Bescherming, protectie, wordt belangrijker; de burger verwacht van de overheid dat die hem beschermt. Hoe en op welke wijze dat invulling gaat krijgen, weet ik niet, maar het zou me niets verbazen als we een belangrijk deel van onze fundamentele vrijheden kwijtraken, waardoor een beter evenwicht ontstaat tussen vrijheid en bescherming.

Het was hard nodig dat er iets gebeurde, hoe verschrikkelijk de gevolgen ook zijn

Het was hard nodig dat er iets gebeurde, hoe meedogenloos het virus ook is en hoe verschrikkelijk de gevolgen ook zijn voor de slachtoffers en eventueel hun nabestaanden. Tot nu toe waren het vooral specifieke groeperingen die meer bescherming van de overheid verlangden en regeringen en politici aanspoorden om vooral naar het eigen volk te kijken. Het heeft bijvoorbeeld Donald Trump, met zijn America first, geen windeieren gelegd. Maar willen de mensen dat nu nog? Ik denk van niet.

Of neem minister van Financiën Wopke Hoekstra, die ook deze week weer Nederlandse zuinigheid bleef prediken en behoudzucht toonde, terwijl in Spaanse en Italiaanse zieken- en verpleeghuizen duizenden mensen vochten voor hun leven; landen trouwens waar ook miljoenen niet-zieke burgers het water aan de lippen staat. Het kwam hem in Europees verband op veel onbegrip te staan. Zelfs Duitsland, Nederlands vaste maatje als het gaat om Europees monetair beleid en begrotingspolitiek, werd het Hollandse gebrek aan solidariteitszin een tikje teveel. Of de Nederlandse burgers Hoekstra’s hardvochtigheid in deze crisis kunnen waarderen, is maar zeer de vraag. Ik denk eerlijk gezegd van niet.

We maken deel uit van een groter geheel. Dat is waar veel mensen al een hele tijd naar snakken

Wat het coronavirus doet, is mensen laten beseffen dat ‘meer bescherming’ onderdeel moet worden van onze maatschappij. Niet alleen voor bepaalde groepen, maar voor iedereen. Dat is niet regressief, maar juist progressief. Het is immers toekomstgericht.

De meeste burgers willen niet meer óf vrijheid óf bescherming – nee, ze willen beide. We moeten op zoek naar de synthese tussen die twee.

Wat we nu meemaken, is extreem. Het staat nu al vast dat de schade enorm is. Maar we zien dat er óók goede kanten aan zitten. Het opent onze ogen. Het toont aan dat we niet alleen individuen zijn, maar dat we afhankelijk zijn. Dat we deel uitmaken van een groter geheel. Dat is precies waar veel mensen al een hele tijd naar snakken.

Belangrijk is dat we snel een antwoord vinden op de vraag welke rol de overheid hierin moet spelen. Afgelopen decennia stonden in het teken van de zich terugtrekkende staat. Daar was de laatste tijd veel protest tegen – zie bijvoorbeeld de gele hesjes in Frankrijk. Deze demonstranten, uit brede lagen van de bevolking, wilden juist méér staat. Wat opviel, was dat zij sympathie en bijval kregen van veel burgers die níet de straat opgingen. De boodschap werd vrij breed gedragen.

Dit is socialer en ruimhartiger. De inclusieve staat maakt een comeback

Corona zou weleens een symbolisch keerpunt kunnen zijn. Regeringsleiders houden plotseling verantwoordelijke speeches. Veel landen stellen immense economische hulppakketten beschikbaar voor gedupeerden. Dit is anders dan de financiële crisis in 2008. Dit is socialer en ruimhartiger ook. De inclusieve staat maakt een comeback.

Hoe toont de coronacrisis ons die waarheid dan?

Bij corona is de waarheid heel simpel: het gaat om leven of dood.

Simpeler kun je het niet hebben.

 

Henny Willems is raadslid voor de Senioren Partij Maastricht

 

Back To Top
×Close search
Zoeken