skip to Main Content

OPINIE Afscheid van coalitie ‘oude stijl’ dwingt tot luisteren naar elkaar

OPINIE Afscheid Van Coalitie ‘oude Stijl’ Dwingt Tot Luisteren Naar Elkaar

Coalitievorming binnen het politieke bestel heeft zeker voordelen. Vaste afspraken geven rust in de tent, waardoor men koersvast een richting uit kan varen. Maar coalitievorming kent ook een belangrijk nadeel, betoogt Ludo Wijnands. Ze verlamt het debat. ,,Alsof de oppositie geen steekhoudende argumenten kan inbrengen en de coalitie alleen maar wijze en juiste standpunten naar voren kan brengen.”

Door Ludo Wijnands

Ik volg de provinciale politiek met grote interesse. Niet alleen vanwege de inhoud, of omdat ik oud- Statenlid ben, maar omdat daar in politiek-democratische zin iets bijzonders aan de hand is. Er is namelijk géén coalitieakkoord gesloten, waardoor het college voor elk onderwerp telkens een meerderheid moet zoeken. Dit wijkt fors af van de normale gang van zaken binnen alle bestuurslagen in Nederland .

Voor de verkiezingen schrijven alle politieke partijen hun speerpunten op in een partijprogramma; punten waar ze voor staan en voor willen gaan. Partijen weten dat partijprogramma’s niet het favoriete leesvoer van de burger vormen. Daarom proberen ze het kernachtig en beknopt te houden. Een uitgebreid programma zou namelijk al snel de omvang van een klein boekwerkje kunnen vormen. Er staan dus alleen de, voor de partij, belangrijkste punten in.

Na de verkiezingen neemt de grootste partij het voortouw en gaat in gesprek met de andere partijen. In die gesprekken wordt gezocht naar overeenkomsten in partijstandpunten. Daar waar deze niet in elkaars verlengde liggen, wordt gekeken naar mogelijkheden om door aanpassingen tot compromissen te komen. Na de onderhandelingen worden de gemaakte afspraken vastgelegd in het alom bekende coalitieakkoord. Dat akkoord is dan bindend voor de komende vier jaar en dient door alle coalitie partijen te worden gerespecteerd en nagekomen. Tot zover de gebruikelijke gang van zaken.

De oppositie mag knarsetandend toekijken en vruchteloos verweer voeren. Dat levert mooi toneel op, maar stelt in democratische zin geen fluit voor.

Deze werkwijze kent zeker voordelen. Zo hoeft men niet telkens op zoek te gaan naar een meerderheid en weet het college dus al vooraf dat – kleine aanpassingen daargelaten – de beleidstukken worden aangenomen. Dat geeft rust in de tent, waardoor men kan koersvast een richting uit kan varen. Een zogeheten stabiel bestuur wordt over het algemeen zeer gewaardeerd!

De vraag die mij nu bezighoudt is, opgeroepen door wat in Provinciale Staten gebeurt, of dit wel recht doet aan wat democratie hoort te zijn? Bij de onderhandelingen over het coalitieakkoord levert iedereen – weliswaar niet in gelijke mate – in. Het waren immers al de belangrijkste punten die opgeschreven waren, waaraan nu geschaafd wordt. Soms laat men punten zelfs vallen.

Door het afsluiten van een akkoord is er dus al een vaststaande meerderheid, waardoor de oppositie min of meer veroordeeld wordt tot knarsetandend toekijken en vruchteloos verweer voeren. Dat levert mooi toneel op, maar stelt in democratische zin geen fluit voor. Alsof de oppositie geen steekhoudende argumenten kan inbrengen en de coalitie alleen maar wijze en juiste standpunten naar voren kan brengen. Alsof de oppositie geen vertegenwoordiging is van de burger. Alsof de helft plus 1 de andere helft minus 1 rustig kan negeren! Zo krijgt coalitievorming een zweem van dictatoriale trekjes.

De meerderheid kent mijns inziens niet een vaste samenstelling maar is wisselend en vooral dynamisch.

Maar het wordt nog spannender in democratische zin wanneer een coalitiepartij door voortschrijdend inzicht of door gewijzigde omstandigheden een ander standpunt wil innemen dan in het akkoord is afgesproken. Er wordt dan gewikt en gewogen of het een breuk (lees: het opgeven van de macht) waard is en geloof mij, dat is het meestal niet.

Een coalitieakkoord geldt voor vier jaar. Op zich is dat al een gefronste wenkbrauw waard want dat zou betekenen dat er vier jaar weinig tot niks in de omstandigheden verandert en inzichten voor vier jaar verstard zijn. De afgelopen tijd heeft bewezen dat de omstandigheden zeer wel kunnen veranderen, denk maar aan de financiële crisis in 2008 en de corona-crisis nu. De kernvraag is of een star coalitieakkoord wel in staat is de dynamiek in de publieke opvatting en meningen te volgen. De meerderheid kent mijns inziens niet een vaste samenstelling maar is wisselend en vooral dynamisch.

Zouden we in Maastricht zo’n experiment aandurven? Laten we het er in een ledenvergadering eens samen over hebben. De Senioren Partij Maastricht als bestuurlijke vernieuwer. Prachtig toch!

Zo bezien lijkt het sluiten van een coalitie niet zo democratisch te zijn als op het eerste oog lijkt. In de huidige provinciale situatie moet telkens een meerderheid gezocht worden binnen alle partijen. Noem het maar een wisselende coalitie. Dat dwingt tot luisteren naar elkaar en het wegen van argumenten. Dat dwingt tot voortdurend nadenken en aanpassen aan wat op dat moment speelt of gaat spelen. Dat leidt tot afgewogen besluiten die beter passen binnen de gemeenschap, zoals wegen die doorgaans niet kaarsrecht zijn maar meanderend door het landschap gaan.

Is dat akelig? Helemaal niet, je hoeft toch geen coalitieakkoord te hebben om het met elkaar eens te zijn? Ook is het bevorderlijk voor het dualisme, noodzakelijk voor de controlerende functie die de raad heeft. De raad is vrijer in het innemen van standpunten zonder het zwaard van het coalitieakkoord boven het hoofd. Zouden we in Maastricht zo’n experiment aandurven? Laten we het er in een ledenvergadering eens samen over hebben. De Senioren Partij Maastricht als bestuurlijke vernieuwer. Prachtig toch!

 

Ludo Wijnands is kritisch lid van de Senioren Partij Maastricht. Hij schreef bovenstaande beschouwing op persoonlijke titel

Back To Top
×Close search
Zoeken